Opstelling
Plaatsing van de zender

Uit de zender komt een hoogfrequent signaal. De bedoeling is dat dit signaal probleemloos de antenne bereikt. Dit kan enkel gebeuren met een coaxkabel. De massadraad die rond de bron zit gevlochten, zorgt er voor dat het signaal zonder verlies de antenne bereikt. Deze kabel is ook niet 100% perfect stralingdicht. Daarom moet de lengte zo kort mogelijk worden gehouden. De zender moet dus zo kort mogelijk worden geplaatst bij de antenne.
De zender moet op zijn beurt niet te kort staan bij het audiomateriaal
, anders heb je de zogenaamde inslag zodat vb. de CD-spelers niet meer kunnen spelen of een bromtoon hoorbaar is op het audiosignaal. Beter is dus een lange audiokabel te gebruiken tussen audioapparatuur en zender en een korte coaxkabel te plaatsen tussen zender en antenne.

 

Plaatsing van het audiogedeelte
De locatie van de audioapparatuur speelt geen rol, als het maar wat verwijderd is van de zender of antennekabel. Je plaatst de toestellen zodat alles in handbereik is. Het mengpaneel plaats je centraal. De toestellen die je het meest zal gebruiken, kan je het best voor het mengpaneel plaatsen al dan niet iets verhoogd.


De opstelling van het audiogedeelte van Radio Panik (Schaarbeek 105,40 MHz - 1993) tijdens een radioprogramma met Vera en Hendrik.

>> vervolgens ON AIR